Getrapte plantenbak

Getrapte plantenbak voor buiten van 800 x 900 x 685 mm. Drie treden van ongeveer 30 cm diep op 305, 495 en 685 mm hoogte, elk met een eigen bodem. Van douglas van 22 x 95 mm op stijlen van 44 x 44 mm.

Kies een onderdeel in het model. Je ziet dan de tekening met de maten.

Afmetingen (b × d × h)
800 × 900 × 685 mm
Materiaal
Douglas, Vuren
Onderdelen
63
Moeilijkheid
Gemiddeld

Heb je al een account? Start deze bouwset. Met een account krijg je ook de bouw-PDF.

Eigen ontwerp van 3Dmaatje.

Op jouw maat

Dit bouwplan op jouw maat?

Met je eigen AI pas je de maten en het hout aan. De rekenmotor rekent alles opnieuw uit.

Hoe dat gaat, lees je bij Hoe het werkt. Liever niet zelf ontwerpen? Dan kun je je idee laten uitwerken.

Zelf bouwen

Zaaglijst
Zaaglijst van Getrapte plantenbak, maten in mm
OnderdeelAantalLengte (mm)Breedte (mm)Dikte (mm)Materiaal
Zijplank68569522Douglas
Bodemlat52789522Douglas
Voorplank38009522Douglas
Zijplank45679522Douglas
Tussenplank48009522Douglas
Tussenplank67569522Douglas
Achterplank78009522Douglas
Zijplank42679522Douglas
Bodemlat102679522Douglas
Tussenstijl26854444Vuren
Achterstijl26854444Vuren
Draaglat66684444Vuren
Tussenstijl24954444Vuren
Voorstijl23054444Vuren

Inkooplijst

  • 7 × Douglas lat 22 x 95 mm, 4000 mm lang
  • 1 × Douglas lat 22 x 95 mm, 3000 mm lang
  • 3 × Vuren balk 44 x 44 mm, 3000 mm lang
Bouwstappen
  1. Op de afkortzaag. Controleer voor het zagen of het werkstuk vastligt tegen de aanslag. Zaag eerst van elke plank van 22 x 95 mm een paar millimeter af, zodat het eind haaks is. Volg het zaagplan, dan heb je genoeg aan acht planken. Zaag per lengte met een stopblok: zes zijplanken van 856 mm, veertien planken van 800 mm, zes tussenplanken van 756 mm, vier zijplanken van 567 mm en vijf bodemlatten van 278 mm.

  2. Op de afkortzaag. Controleer voor het zagen of het werkstuk vastligt tegen de aanslag. Zet het stopblok op 267 mm en zaag veertien delen. Vier zijn zijplanken voor de achterste trede en tien zijn bodemlatten. Schrijf op elk deel met potlood wat het is. Leg de planken van 800 mm op drie stapels: drie voorplanken, vier tussenplanken en zeven achterplanken.

  3. Op de afkortzaag. Controleer voor het zagen of het werkstuk vastligt tegen de aanslag. Zaag uit de latten van 44 x 44 mm de stijlen: vier van 685 mm, twee van 495 mm en twee van 305 mm. Van de stijlen van 685 mm zijn er twee achterstijlen en twee tussenstijlen. De stijlen van 495 mm zijn ook tussenstijlen, die van 305 mm zijn voorstijlen. Zaag daarna zes draaglatten van 668 mm. Houd je handen ver van het zaagblad.

  4. Met een schuurblok. Draag handschoenen tegen splinters. Schuur de randen en de kopse kanten van alle delen met korrel 120. Haal splinters weg.

  5. Met een kwast, voor de montage. Draag handschoenen. Behandel alle vuren delen rondom twee keer met beits of olie voor buiten. Dat zijn de acht stijlen en zes draaglatten. Behandel ook de kopse kanten, vooral de onderkant. Laat de eerste laag drogen zoals op het blik staat, schuur hem licht op met korrel 180 en zet dan de tweede laag. Vuren is van zichzelf niet bestand tegen vocht en natte aarde.

  6. Met de accuboormachine. Doe je handschoenen uit voordat je gaat boren. Teken op elke voorplank, tussenplank en achterplank bij beide einden twee kruisjes, 20 mm onder de bovenrand en 15 mm boven de onderrand. Bij een plank van 800 mm zitten ze 44 mm van het eind, bij een tussenplank van 756 mm 22 mm van het eind. Teken op de zijplanken bij elke stijl twee kruisjes, 40 mm en 60 mm onder de bovenrand. Op de zijplanken van 856 mm zitten ze op 22, 311, 611 en 834 mm van het voorste eind. Op die van 567 mm op 22, 322 en 545 mm. Op die van 267 mm op 22 en 245 mm. Klem de plank met een stuk afvalhout eronder op de tafel. Controleer voor het boren of de plank vastzit. Boor op de kruisjes gaten van 3 mm door de plank. Verzink de gaten. Verzinken betekent dat je de rand van het gat schuin uitboort, zodat de schroefkop erin valt.

  7. Met de accuboormachine. Elke trede krijgt voor en achter een draaglat van 668 mm. Schroef elke draaglat eerst op de werktafel aan zijn plank vast, voordat de plank in de bak komt. Dat zijn de onderste voorplank, de vijfde achterplank van onderen, en van elke tussenwand de onderste en de bovenste tussenplank van 756 mm. Leg de draaglat midden op de plank. Bij een plank van 800 mm blijft aan elk eind 66 mm vrij, bij een tussenplank 44 mm. De bovenkant van de draaglat zit 25 mm onder de bovenrand van de plank. Teken op de andere kant van de plank twee kruisjes, 190 mm links en rechts van het midden en 47 mm onder de bovenrand. Boor ze met 3 mm door de plank, verzink ze en boor voor in de draaglat. Schroef de plank met twee RVS-schroeven van 4 x 50 mm aan de draaglat.

  8. Met de accuboormachine. Leg de vier stijlen van een zijwand plat op de werktafel, met de onderkanten op een lijn. De voorstijl van 305 mm ligt vooraan. De voorkant van de tussenstijl van 495 mm ligt op 289 mm, die van de tussenstijl van 685 mm op 589 mm, en de achterkant van de achterstijl op 856 mm. Leg de onderste zijplank van 856 mm erop, 20 mm van het eind van de stijlen. Dat worden de voetjes. Klem de plank vast. Boor met 3 mm door de gaten voor in de stijlen en draai bij elke stijl twee RVS-schroeven van 4 x 50 mm vast. Bevestig daarboven de andere twee planken van 856 mm. Daarboven komen twee zijplanken van 567 mm, vanaf de voorkant van de eerste tussenstijl tot achteraan. Daarboven komen twee zijplanken van 267 mm, vanaf de voorkant van de tweede tussenstijl. Maak daarna de tweede zijwand in spiegelbeeld.

  9. Met de accuboormachine. Doe dit met twee personen. Zet de twee zijwanden rechtop, met de stijlen naar binnen en 800 mm van buitenkant tot buitenkant. Zet ze met klemmen en tijdelijke steunen vast, zodat ze niet omvallen. Schroef de zeven achterplanken op de achterstijlen, de onderste 20 mm boven de vloer. De draaglat aan de vijfde plank zit aan de binnenkant, tussen de stijlen. Draai bij elk paar kruisjes twee RVS-schroeven van 4 x 50 mm vast.

  10. Met de accuboormachine. Bouw eerst de tweede tussenwand, op de tussenstijlen van 685 mm. Hij begint op de hoogte van de derde rij. Onderaan komen drie tussenplanken van 756 mm tussen de zijwanden, daarboven twee planken van 800 mm over de hele breedte. De draaglat van de onderste tussenplank zit aan de voorkant, die van de bovenste tussenplank aan de achterkant, tussen de stijlen. Schroef alle planken van voren op de tussenstijlen. Bouw daarna op dezelfde manier de eerste tussenwand op de tussenstijlen van 495 mm. Die begint op de vloer, 20 mm hoog, met drie tussenplanken van 756 mm en daarboven twee planken van 800 mm. Schroef als laatste de drie voorplanken op de voorstijlen. De draaglat aan de onderste voorplank zit binnen, tussen de stijlen. Onder de tweede tussenwand blijft het open.

  11. Met de accuboormachine. Leg in elke trede vijf bodemlatten op de draaglatten, van voor naar achter. Leg de middelste lat precies in het midden. Houd 32 mm tussen de latten en naast de stijlen. In de voorste en de achterste trede zijn de latten 267 mm, in de middelste 278 mm. Teken op elke bodemlat bij beide einden twee kruisjes, 22 mm van het eind en 20 mm van de lange randen. Boor op de kruisjes gaten van 3 mm door de lat en verzink ze. Klem de lat vast. Boor met 3 mm voor in de draaglat en draai aan elk eind twee RVS-schroeven van 4 x 50 mm vast.

  12. Met een kwast. Draag handschoenen. Wil je de houtkleur van het douglas houden, behandel dan ook de buitenkant van de planken en de kopse kanten met olie voor buiten. Laat het drogen zoals op het blik staat. De binnenkant blijft onbehandeld, zodat er geen olie in de aarde komt. Zonder olie wordt douglas na een paar maanden zilvergrijs. Dat is geen rot. De vuren delen heb je al behandeld.

  13. Met een handtacker. Leg in elke trede worteldoek, op de bodem en tegen alle wanden tot ongeveer 3 cm onder de rand. Zo raakt de aarde de stijlen en de draaglatten niet. Zet het doek bovenaan vast met een paar nietjes. Houd je vingers weg van de neus van de tacker.

  14. Plaatsen. Zet de bak op zijn plek voordat je hem vult. Vol natte aarde is hij te zwaar om te tillen. Zet hem op een vlakke ondergrond, op tegels of op stenen onder de stijlen, zodat het water onder de bak weg kan en de stijlen niet in het natte gras staan. Vul de treden daarna met potgrond.

Aannames
  • De bak is gemaakt voor douglas van 22 x 95 mm en vuren van 44 x 44 mm. Een andere maat verandert alle lengtes.
  • Elke trede is binnen 756 mm breed. De voorste en de achterste trede zijn binnen 267 mm diep, de middelste 278 mm.
  • De bodems liggen elke trede 190 mm hoger. In elke trede is de aarde 193 mm diep. Samen gaat er ongeveer 120 liter potgrond in.
  • Onder de middelste en de achterste trede is de bak hol. De wanden daar zijn alleen voor het zicht en de stevigheid.
  • Tussen de bodemlatten zit 32 mm. Daardoor loopt het water weg. Het worteldoek houdt de aarde tegen. Water uit een hogere trede loopt via de holle ruimte naar de grond, niet in de trede ervoor.
  • Douglas is buitenhout zonder impregnatie. Er zit geen gif in, dus je kunt er ook groente en kruiden in kweken. Het gaat zonder behandeling jaren mee, zolang het niet in de grond staat.
  • De stijlen en draaglatten zijn van vuren, want douglas van 44 x 44 mm staat niet in de catalogus. Vuren rot in natte aarde. Daarom behandel je ze voor de montage rondom twee keer, en ligt er worteldoek tussen de aarde en het hout. Geïmpregneerd vuren van 44 x 44 mm gaat langer mee, maar gebruik dat alleen voor bloemen en niet voor groente of kruiden. Heeft de houthandel de latten in douglas of lariks, neem die dan.
  • De catalogus kent alleen verzinkte houtschroeven. Voor buiten koop je dezelfde maat in RVS.
  • Een paar planken houden maar 20 tot 30 mm over. Is een eind beschadigd, zaag het korte deel dan uit de plank van 3000 mm. Daar blijft ruim 1900 mm over.
  • Vol aarde staat de bak stevig. Leeg is hij licht. Leun er dan niet tegen, want hij kan kantelen.

Let op

  • Zet op de afkortzaag korte delen vast met een klem, niet met de hand. Draag een veiligheidsbril en gehoorbescherming.
  • Boor altijd voor. Douglas splijt snel als je een schroef dicht bij het eind van een plank indraait zonder voor te boren.
  • Draag handschoenen bij het sjouwen en schuren. Draag geen handschoenen aan een machine met een draaiend zaagblad of een draaiende boor.
  • Een plank van 4000 mm is lastig alleen te zagen. Laat iemand het eind vasthouden of leg het op een steun op dezelfde hoogte als de zaagtafel.
  • Til de bak met twee personen. Vul hem pas op de plek waar hij blijft staan.
  • Beits en olie zijn brandbaar. Leg gebruikte doeken uitgespreid buiten te drogen, want een prop met olie kan vanzelf gaan branden.

3Dmaatje berekent geen sterkte of draagvermogen. Controleer de maten en de constructie zelf voordat je gaat zagen.